Klimaatcursussen voor capaciteitsopbouw

Wageningen Climate Solutions

Fotografie: Shutterstock

DOOR Annemieke Groenenboom - September 2019


Van uitgedroogde landbouwgronden tot overstromingen en aardverschuivingen: de gevolgen van klimaatverandering zijn enorm. Hoe kan een samenleving blijven functioneren onder die veranderende omstandigheden? Volgens Wageningse experts Ingrid Gevers en Arend Jan van Bodegom draait het om veerkracht. Jaarlijks trainen zij hiervoor meer dan 120 klimaatprofessionals van over de hele wereld.

“Veel landen hebben een strategie voor klimaatadaptatie en -risicobeheersing, maar kijken vooral naar technologische oplossingen, zoals zaden voor klimaatbestendige gewassen. Terwijl het aanpassingsvermogen van mensen minstens zo belangrijk is. De boer is uiteindelijk degene die zijn landbouwsysteem moet veranderen en dat vraagt om veerkracht; het vermogen om tegenslagen te verwerken en weer ‘terug te veren’ na grote veranderingen. Daar zouden klimaatdeskundigen meer aandacht aan moeten besteden”, aldus Arend Jan van Bodegom, senior adviseur klimaatadaptatie bij Wageningen Centre for Development Innovation.

Capaciteitsopbouw: mindsets leren beïnvloeden

Voor veerkracht heb je nieuwe kennis nodig, aldus Van Bodegoms collega Ingrid Gevers, senior adviseur klimaatverandering. “Maar vooral moet je weten hoe je deze kennis kunt toepassen, wanneer je in actie moet komen en hoe je de mindset van mensen kunt beïnvloeden, zodat ze dingen op een andere manier gaan doen. Dat noemen we ‘capaciteitsopbouw’ en daar draait het om in onze klimaatcursussen. Hoeveel kennis en vaardigheden onze studenten ook hebben, ze moeten hun stakeholders er ook mee kunnen mobiliseren.”

Mensen in Tanzania op zoek naar water. Foto: Shutterstock

Overstappen naar droogteresistente gewassen

“Stel, de gewassen van een boer verdorren door extreme droogte. Om zijn inkomen te kunnen behouden kan hij overschakelen op droogteresistente gewassen. Daarvoor moet hij weten welke gewassen het meest geschikt zijn – kennis – en hoe die verbouwd moeten worden – vaardigheden. Maar die kennis en vaardigheden alleen zorgen niet voor verandering. Hij moet ook de wil hebben om te veranderen en het risico durven nemen. Daarom is de juiste mindset zo'n essentieel onderdeel van capaciteitsopbouw”, legt Gevers uit.

IK HEB GELEERD OM PLANNEN TE MAKEN SAMEN MET DE LOKALE GEMEENSCHAPPEN IN PLAATS VAN ACHTER MIJN BUREAU

Studenten worden docenten

Wageningen Centre for Development Innovation, onderdeel van WUR, geeft sinds 2009 klimaatcursussen op strategische wereldwijde knooppunten. Gevers coördineert onder meer de cursus ‘Managing risk in the face of climate change’ (risico’s beheersen bij klimaatverandering) in Thailand en Van Bodegom is verantwoordelijk voor ‘Climate-change adaptation in food security and natural resource management’ (aanpassing aan klimaatverandering bij voedselveiligheid en beheer van natuurlijke hulpbronnen) in Oeganda. Klimaatprofessionals van overheden, ngo’s en universiteiten over de hele wereld volgen deze cursussen, vaak met een financiële bijdrage van Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationalisering in onderwijs. Om kennis op te doen over klimaatverandering en te leren hoe ze zich kunnen wapenen tegen de gevolgen ervan. Hoe doen deskundigen uit andere landen dit? Hoe deel je kennis en activeer je stakeholders? Dat zijn onder meer vragen die aan bod komen in de cursussen.

Dode planten en gescheurde aarde als gevolg van aanhoudende droogte. Foto: Shutterstock

Geen oplossing zonder begrip van de context

Leren kijken naar problemen in hun lokale context en tegelijkertijd zien hoe ze samenhangen met elkaar en het landschap. Dat is volgens Gevers het belangrijkste leerpunt. “Onze studenten onderschatten vaak het belang daarvan. Maar je moet het hele plaatje volledig begrijpen voordat je oplossingen kunt bedenken. Wat is de huidige situatie? Hoe zijn we hier gekomen? En waar gaan we naartoe? Als de gemiddelde temperatuur naar verwachting met twee graden stijgt, moet je daarop anticiperen en nu actie ondernemen. Stel de juiste vragen, zoals: Wat betekent dit bijvoorbeeld voor mensen, planten en dieren? Komen er mislukte oogsten en meer hittegolven? Levert het een probleem op voor de voedselveiligheid? Wie mag en kan er beslissen over hoe we reageren?”

‘Hotspot-mapping’

Zo’n analyse vormt de basis van de cursus. Die begint met de theorie, zodat iedereen basiskennis heeft over de belangrijkste concepten. Wat is bijvoorbeeld het verschil tussen klimaat en weer? Wat is veerkracht? Vervolgens splitsen de deelnemers zich op in groepjes om aan een praktische case te werken. Dit kan een voorbeeld zijn van het land waar de cursus plaatsvindt of elders. Ze brengen hun ‘hotspot’ in kaart: een gebied waar veel – vaak arme – mensen wonen die kwetsbaar zijn voor de gevolgen van klimaatverandering. Het resultaat is een visuele weergave met symbolen voor de natuurlijke hulpbronnen, gebouwen, landbouwgrond en andere elementen die schade kunnen ondervinden. Op basis hiervan gaan deelnemers het veld in om met stakeholders te praten en een klimaatactieplan op te zetten. De cursusleiders begeleiden en coachen dit proces.

HOEVEEL ONZE STUDENTEN OOK WETEN, ZE MOETEN OOK HUN STAKEHOLDERS KUNNEN MOBILISEREN

Cursisten ontwikkelen een klimaatperspectief voor de zogenoemde hotspots. Foto: Ingrid Gevers

Presentatie van een casestudie over de Filippijnen door een van de cursisten. Foto: Ingrid Gevers

Met behulp van rollenspelen laat de Ugandese coördinator Florence Kyazza zien welke uitdagingen kleine boeren te wachten staan als ze klimaatslimmer gaan werken. Foto: Arend-Jan van Bodegom

Geen simplistische oplossingen meer

Hotspot-mapping lijkt eenvoudig en logisch, maar voor studenten is het vaak een openbaring. Gevers: “Ze begrijpen daardoor beter de complexiteit van het systeem, de belangrijkste factoren en hun onderlinge samenhang. Dat is noodzakelijk om geschikte oplossingen te kunnen bedenken. Zo is er bijvoorbeeld een land waar de overheid een zeewering voor de kust bouwde om de inwoners tegen overstromingen te beschermen. De muur hield het water buiten, maar blokkeerde ook de toegang voor vissen en voedingsstoffen tot het mangrovebos erachter, waardoor de vissers minder vingen en het natuurlijke kustverdedigingssysteem verloren ging. We zien te veel van dit soort oplossingen die uiteindelijk meer kwaad dan goed doen.”

DE JUISTE MINDSET IS ESSENTIEEL VOOR CAPACITEITS-
OPBOUW

Samen met de lokale gemeenschappen

Bernadetta Kabonesa, senior onderzoekstechnicus aan het National Forestry Resources Institute (NaFORRI) in Oeganda, was een van Gevers’ studenten. “Als ik één ding heb geleerd, is het wel om plannen te maken samen met de lokale gemeenschappen in plaats van achter mijn bureau. Zij kennen het gebied als geen ander. We treffen nu ook samen maatregelen, zoals bomen planten op plaatsen waar inwoners getroffen kunnen worden door overstromingen of aardverschuivingen in de bergen. De gemeenschap accepteert democratisch gekozen maatregelen veel beter dan door de overheid opgelegde maatregelen.”

Overstroomde straten na zware regenval in Bangladesh. Foto: Sk Hasan Ali / Shutterstock

Rollenspellen om belangen te begrijpen

De tweede les die Gevers noemt, is het vertalen van kennis naar een duidelijke boodschap. Het is belangrijk om te weten met wie je moet praten en hoe, zodat een verhaal bekend wordt en mensen in actie komen. “Dat vraagt om persoonlijke vaardigheden, zoals presentatietechnieken. Ik laat de studenten vaak presentaties geven en stimuleer het gebruik van creatievere vormen dan PowerPoint, zoals illustraties of werken met kunstenaars. Dan beklijft de boodschap beter.”

CLIMATE STUDIES

In Wageningen is er een uniek masterprogramma, Climate Studies. Het is de eerste masteropleiding in Nederland waarin expertise uit de aarde-, levens- en maatschappijwetenschappen samenkomt. Het programma is specifiek bedoeld voor studenten die zich willen richten op de wetenschappelijke kennis over klimaatverandering en de interacties met de samenleving en de economie.


Alumni van Climate Studies gaan aan de slag als onderzoekers bij internationale onderzoeksinstituten en universiteiten of als deskundigen bij milieuorganisaties of andere ngo’s. Lokale en nationale overheden en de EU hebben ook specialisten op het gebied van klimaatverandering nodig.

Er zijn momenteel ongeveer honderd studenten die dit tweejarige programma volgen. Sinds de start van het programma in 2002 zijn er bijna tweehonderd afgestudeerden. De meeste studenten zijn Nederlands, maar er zijn ook wat studenten uit andere landen. Het zou heel mooi zijn als het MSc-programma meer internationale studenten aantrekt. Mensen uit verschillende delen van de wereld hebben namelijk een andere kijk op de impact van klimaatverandering, hoe deze kan worden verminderd en hoe we ons eraan kunnen aanpassen. Dat levert een schat aan ervaringen en invalshoeken op in de opleiding.

De schade na een tsunami en aardbeving in Indonesië. Foto: Capture63 / Shutterstock

Lobbyen en belangenbehartiging

Van Bodegom voegt toe: “En last but not least leren de studenten: Hoe zorgen we voor een goede samenwerking en bewustwording van de noodzaak om actie te ondernemen? Hoe faciliteren we dit en met welke hulpmiddelen? We gebruiken hiervoor het spel ‘lobby & advocacy’ (lobbyen en belangenbehartiging). De studenten kruipen in de huid van bedrijven en de overheid en discussiëren over het belang van klimaatverandering. Zo krijgen ze inzicht in de tegenstrijdige belangen en dat is nodig om de mindset van stakeholders beter te kunnen beïnvloeden en draagvlak voor hun plannen te creëren. Zo vergroot je de veerkracht van partners.”

Leren door werk in de praktijk

Mustafa Hasani, docent Natural Resources aan de universiteit van Kabul, heeft de cursus van Van Bodegom gevolgd. Naast de drie leerpunten was hij vooral onder de indruk van de lesmethode: “Het is cruciaal dat studenten met het geleerde aan de slag gaan, want van toepassing in de praktijk leer je het meeste.” Hasani is een voorbeeld van een professional die nu zijn kennis doorgeeft en zelfs de onderwijsaanpak van de cursus heeft overgenomen. Hij geeft colleges, maar heeft ook nieuwe methoden voor diepgaand leren geïntegreerd. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om het uitnodigen van vertegenwoordigers van stakeholder groepen, veldbezoeken, praten met gemeenschappen en rollenspellen doen. “Hierdoor zijn studenten gemotiveerder om te starten en om met betere oplossingen te komen”, aldus Hasani. “En mijn colleges blijven beter hangen. Dat is ook hard nodig, want ik geef les aan de volgende generatie klimaatprofessionals.”

LEER MEER

Later dit jaar wordt er een nieuwe cursus over aanpassing aan de klimaatverandering gegeven in het Frans. En om alle aspecten van klimaatverandering te behandelen, ontwikkelt het instituut een cursus over toegang tot klimaatfinanciering, waarbij vragen aan bod komen zoals: Waar kan ik financiering krijgen? Wat zijn de voorwaarden? En hoe kan ik een project zo formuleren dat de bank het wil financieren? In oktober geeft Gevers de eerste opfriscursus ‘Climate finance and migration’ (klimaatfinanciering en migratie) in Senegal.

Heeft u interesse in een korte cursus over klimaatverandering? Het Wageningen Centre for Development Innovation biedt zes verschillende klimaatcursussen aan.

Deel dit artikel

Hebt u een specifieke vraag en neemt u liever rechtstreeks contact met ons op, dan kunt u terecht bij onze collega Ingrid Gevers. Klik op de button voor contactinformatie.

Volgend artikel

Hoe klimaatslimme landbouw boeren weerbaar maakt