FutureMARES

De terugkeer van de Nederlandse oesterbank

Duurzame en veilige oceanen en binnenwateren

Oesterbanken bieden een woon-, schuil- en broedplaats voor andere organismen. Video: Shutterstock

Geschatte leestijd: 8 minuten

Schelpdieren zijn enorm belangrijk: ze fungeren als voedselbron én klimaatredder. Nederlandse oesterbanken hebben echter zwaar te lijden gehad onder overbevissing en ziekte. Onderzoekers van Wageningen University & Research bestuderen daarom in Europees verband de mogelijkheden om tot een gezond en klimaatbestendig schelpdierbestand te komen.

Oesterbanken bieden een woon-, schuil- en broedplaats voor andere organismen. Daarmee zijn ze goed voor het mariene ecosysteem. En het feit dat oesters voor hun schelpvorming calciumcarbonaat nodig hebben, kan mogelijk bijdragen aan de opslag van koolstof in de zee. Bovendien kunnen de riffen fungeren als golfbrekers die meegroeien met de zeespiegelstijging, aldus Pauline Kamermans, senior onderzoeker Mariene ecologie en aquacultuur bij Wageningen University & Research (WUR). Dit soort nature based solutions (NBS) zijn precies waar het om draait in FutureMARES, een Europees project dat de verbanden tussen klimaatverandering, mariene biodiversiteit en ecosysteemdiensten onderzoekt. Kamermans is projectleider namens WUR. De activiteiten zijn opgezet rond drie NBS: effectief herstel, effectieve instandhouding en duurzaam oogsten van mariene hulpbronnen. De drie NBS hangen samen, want als de oesterbanken goed groeien, kunnen de oesters immers ook worden geoogst voor menselijke consumptie.

Oesterriffen hebben een fantastisch effect op de biodiversiteit

In de kubus worden metingen aan de samenstelling van het water gedaan. Foto: Emiel Brummelhuis

Aan het project doen 33 partners mee die allemaal hun eigen onderzoeksproject hebben. Zo onderzoekt Noorwegen de interrelaties tussen kelp, zee-egels en kabeljauw en kijkt Spanje hoe ze zeegrasvelden voor de kust kunnen herstellen. Nederland richt zich op effectief herstel en duurzame oogst van schelpdieren. WUR heeft veel kennis van aquacultuur in het algemeen en oesters in het bijzonder.

Exoot

Kamermans is gespecialiseerd in schelpdieren. Voor het project kijkt ze samen met collega’s naar de Nederlandse platte oester en naar de Japanse oester, een exoot. Hoewel de meeste ecologen niet zo dol zijn op exoten – omdat die de neiging hebben om inheemse soorten te verdringen – kunnen ze soms ook een positieve rol spelen in een ecosysteem. Dat zou bijvoorbeeld het geval kunnen zijn bij de Japanse oester in de Zeeuwse delta. De Nederlandse platte oester is namelijk bijna verdwenen, niet alleen door eeuwenlange visserij, maar ook door een parasiet, onbedoeld meegenomen uit Frankrijk met een oestertransport (de Japanse oester is niet gevoelig voor deze parasiet, red). Kamermans: “Verschillende partijen zijn bezig om platte oesters terug te brengen naar de Noordzee. Niet alleen omdat we ze graag opeten, maar ook omdat oesterriffen op de Noordzeebodem hetzelfde doen als in de Zeeuwse delta: ze hebben een fantastisch effect op de biodiversiteit.”

Ziektevrije oesters

Kamermans onderzoekt daarom manieren om weer tot een gezond Nederlandse platte-oesterbestand te komen. Samen met de oesterbedrijven Roem van Yerseke en stichting Zeeschelp uit Kamperland kweekt de onderzoeker van Wageningen Marine Research ziektevrije exemplaren met behulp van ziektevrije, resistente oesters uit de Zeeuwse delta. Uit eerder onderzoek blijkt dat de platte oester daarbij kan profiteren van de aanwezigheid van zijn Japanse neefje; de schelpresten van de Japanse oester worden namelijk door de platte oesters het meest gebruikt als materiaal om zich aan vast te hechten. “We hebben helaas nog geen vergunning om deze dieren in de Noordzee te plaatsen. Vandaar dat we volwassen oesters uit Noorwegen halen om terug in de Noordzee te plaatsen. Die komen uit een ziektevrij gebied.”

De activiteiten zijn opgezet rond drie met elkaar samenhangende Nature Based Solutions: effectief herstel, effectieve instandhouding en duurzaam oogsten van mariene hulpbronnen. Illustratie: IRD MARBEC

Het is alleen wel de vraag hoe goed de Noorse oesters bestand zijn tegen temperatuurstijging. Het zeewater rond Noorwegen is een stuk kouder dan de Noordzee en door de opwarming van de aarde warmt die Noordzee ook nog eens op. Daarom doet Kamermans voor dit project laboratoriumproeven waarbij ze Noorse en Nederlandse platte oesters blootstelt aan hittegolven. “De oesters staan in emmers in onze klimaatkamers. Met behulp van een hartslagmeter, ontwikkeld door onze Portugese FutureMARES-partner, kijken we of ze stress ervaren van oplopende temperaturen. Zo willen we uitzoeken hoe ze op zowel hittegolven als langzaam stijgende temperaturen reageren en vanaf welke temperatuur ze het loodje leggen.” De partner uit Southampton kijkt vervolgens naar de genetische samenstelling van beide populaties als gevolg van de hittegolven om uitspraken te kunnen doen over het aanpassingsvermogen. Van de laboratoriumexperimenten zijn nog geen resultaten bekend, omdat ze pas net zijn begonnen.

Koolstofopslag

Daarnaast monitort Kamermans de Japanse oester in de Oosterschelde. Hierbij kijkt ze wat de invloed van de oester op het koolstofgehalte in het water is. Als de oester inderdaad koolstof uit het zeewater haalt en opslaat in de bodem, zou hij een rol kunnen spelen in het terugbrengen van CO₂.

We willen uitzoeken vanaf welke temperatuur de Noorse oesters het loodje leggen

Om het koolstofgehalte in het water te meten worden kubussen over oesterbanken geplaatst. Zo wordt gekeken of de Japanse oester CO₂ kan opslaan. Foto: Tilman Meyer-Clasen

Kamermans: “We hebben net samen met het NIOZ, het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee, een eerste veldmeting gedaan. Dat doen we door kubussen over de oesterbank te plaatsen en zowel daarbinnen als in een controle kubus metingen aan de samenstelling van het water te doen. Interessant is dat onze FutureMARES-partner in Israël ook zulke experimenten doet. Wij werken met kubussen, zij met domes. Het is nog te vroeg voor vergelijkingen, maar ik ben erg benieuwd naar de resultaten.”

Oesterbanken in windmolenparken

Voor de aanleg van oesterriffen in de Noordzee wordt naar windmolenparken gekeken, omdat daar geen vissersboten mogen komen en de riffen er dus niet verstoord worden. Ook het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) is zeer geïnteresseerd in medegebruik van windmolenparken. Het zou graag weten of kweek van schelpdieren en zeewier mogelijk is en op welke schaal. Het terugbrengen van de platte oester kan eveneens op goedkeuring rekenen, vanuit de LNV-visie op biodiversiteit in de Nederlandse wateren. Kamermans: “We gaan oesterzaad (jonge oesters) uitzaaien en lege oesterschelpen neerleggen, want oesterlarven hebben iets hards nodig om zich aan vast te hechten. De hoop is dat het een zichzelf uitbreidende bank wordt.”

In het FutureMARES-project zullen door Deltares verschillende opties worden berekend, bijvoorbeeld wat er gebeurt als in de ene helft van het windmolenpark oesterbanken worden aangelegd en in de andere helft zeewierfarms. Ze zullen ook berekenen of er in de verschillende plannen genoeg voedingstoffen voor de oesters aanwezig zijn. En of er genoeg overblijft voor andere zeebewoners. Kamermans: “Boven een bepaalde hoeveelheid oesters zie je bijvoorbeeld een vermindering van plankton. Dan kan negatieve gevolgen hebben voor het ecosysteem. Je kunt dus niet onbeperkt oesterbanken blijven aanleggen.” Het FutureMARES project loopt tot eind 2024. Het is dus nog te vroeg voor resultaten, en Kamermans wil er ook niet op vooruitlopen. “Al met al kun je zeggen dat oesters heel belangrijk zijn op allerlei niveaus. Ze fungeren mogelijk zowel als klimaatredders en als voedselbron. Niet alleen voor ons, maar ook voor talloze andere dieren. Daarom is Europese aandacht voor schelpdieren zo ontzettend belangrijk.”

Europese onderzoekscontext

FutureMARES draagt bij aan de volgende Europese beleidsuitdagingen:

  • De bescherming van biodiversiteit
  • Kustverdediging in strijd tegen klimaatverandering

Betrokken groepen vanuit Wageningen University & Research: Wageningen Marine Research en Wageningen Economic Research

Betrokken Europese en andere landen: Belize, Chili, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Italië, Israël, Nederland, Noorwegen, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk en Zweden

Looptijd: 2020 – 2024

Deel dit verhaal